Was ik maar een man, dan was alles zo makkelijk.

DOOR RION OVERDIJK

De weersvoorspellingen waren niet best, maar toch heb ik me goed vermaakt op Koningsnacht en –dag. Dit jaar was anders. Ineens was Koningsdag daar, zonder voorbereidingen. Stress, want wie plant er niks met Koningsdag?! Voor dit jaar was het goed zo. Het enige dat ik na deze dag namelijk kon denken, waarom was ik niet voor één dag een man.

Het zonnetje scheen, een koud biertje in de hand en slenteren door de stad tot je zolen eraf liggen. Tegen een uur of drie, wanneer de liters bier inslaan wordt het mee blèren met de slechtste hits en maak je kennis met mensen die je de volgende niet wil herinneren. De ranzige overpriced hamburgers en braadworsten werk je naar binnen alsof het niks is.

Nee, voor een ongeplande Koningsdag was Utrecht super. Verschillende pleinfeesten niet te ver van elkaar vandaan, voor ieder wat wils en lekker knus. Dit moet een Koningsdag zijn.

Maar dan. Het moment dat je midden in de massa staat mee te blèren en de gênantste gesprekken voert, gebeurt het. Je let niet helemaal op, je bent afgeleid en het gaat allemaal veel te snel. Het ene biertje na het andere biertje giet je naar binnen. En dan is het een kwestie van asociaal rennen en beuken. Niks een nationaal feest, ik moet de mensenmassa uit. Voordat mijn blaas bijna ontploften leek het een goed idee om ergens vooraan te gaan staan. Nu had ik alweer spijt.

Eenmaal uit de massa moest ik een normaal toiletje zoeken, zo’n vieze wc waar al honderden mensen voor je zijn geweest bij de dichtstbijzijnde kroeg en waar je vervolgens een uur staat wachten. Onmogelijk, een uur, ik moest direct. Mijn onverantwoordelijke drinkgedrag had consequenties. Het “normale” toiletje duurde te lang, het werd een dixie. Ja je leest het goed, een dixie. Zo’n hokje op een plein, niet afgeschermd, midden tussen de feestgangers. Adem in en gaan. De rest van de details hou ik voor me, die mogen jullie zelf invullen.

Maar met oprechte jaloezie stapte ik uit mijn dixie, kijkend naar de mannen die op hun gemak naar de pisbakken liepen. Het leven is niet eerlijk. Mannen besef je dus één ding op zo’n dag. Het leven van je vrouw/vriendin gaat niet over rozen. Op zo’n dag gaat het leven over een dixie.